Copyright © 2012 by "IBG"  ·  All Rights Reserved
In deze inleiding willen wij een paar aspecten die met verrekijkers te maken hebben aan u uitleggen. De dingen waar u op moet letten bij de aanschaf, zodat u een goede keus maakt en lang plezier heeft van de kijker. De eerste vraag die u zichzelf moet stellen is: waar wil ik mijn kijker voor gaan gebruiken?  Wat is in mijn geval belangrijk: moet de kijker veel of weinig vergroten, lichtsterk, licht in gewicht, of compact zijn?, want een kijker die alle eigenschappen in één heeft bestaat niet. Als u hier eerst goed over nadenkt koopt u in principe een kijker voor het leven. Er zijn twee soorten kijkers te weten: de Porro en de Dakkant verrekijker.

De Porro kijker
De porrokijker is een traditionele kijker die al een lange tijd bestaat, en is altijd te herkennen aan de knik in de tubes.

De Dakkant kijker
De dakkantkijker is een nieuwer model kijker. Door de prisma`s op een andere manier te slijpen krijgt men een slanke kijker zonder knik, die dan vaak kleiner is dan de porrokijker. Optisch zijn er geen verschillen.

Prisma`s
Prisma`s zijn optisch geslepen stukken glas die in een kijker zorgen voor de beeldomkeer. Bij hoogwaardige kijkers wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde BAK4 of BAK7 prisma`s. Deze prisma`s zorgen voor een minimale vignettering. Vignettering is een vertekening aan de rand van het beeld die wordt waargenomen als onscherp en wordt met deze prisma`s sterk verminderd.

Lichtsterkte
Lichtsterkte is de norm voor de helderheid van een kijker. Dit is vooral belangrijk als u de kijker wilt gebruiken onder moeilijke omstandigeheden zoals: slechtweer of als het wat donkerder is. De lichtsterkte is simpel te berekenen. Op de kijker staan altijd twee getallen; de vergroting en de doorsnede van het objectief. (voorste lens, het verst van het oog af) Bijvoorbeeld 10x50, dan is 10 de vergroting en 50 de doorsnede van het objectief in mm. De berekening van de lichtsterkte is dan 50:10=5 x 5 =25 is dan de lichtsterkte. Dit is niet helemaal correct want er is dan nog geen rekening gehouden met de prestatieverhogende middelen van bijvoorbeeld de prisma`s, coatingen of de kwaliteit van de gebruikte glassoort. Deze prestatieverhogende middelen bepalen ook de prijsverschillen tussen de kijkers.

Objectief
Het objectief is de voorste of eerste lens van de kijker, dat het verst bij het oog vandaan zit. De diamater van deze lens staat altijd op de kijker, het tweede getal, want deze bepaald mede het lichtsterkte getal. Hoe groter het objectief hoe lichtsterker de kijker is, maar dit betekend wel dat de kijker groter wordt en toeneemt is gewicht.
Prismakijkers
Vergrotingen
Op een kijker staat ook altijd de vergroting, het eerste getal. Bij het kijken uit de hand kan een grote vergroting een nadeel zijn, want de bewegingen die u maakt moet u  vermenigvuldigen met de vergrotingsfactor. Bij en grote vergroting wordt het beeld onrustig en de lichtsterkte neemt af. Om een rustig beeld te houden is 12x vergroting maximaal. De vergrotingen van 8x en 10x zijn het meest gangbaar. Als u toch meer vergroting wenst, is een statief zeker aan te raden.

Oculairen
Onder oculairen verstaat we, het naar het oog gerichte lenzen systeem. Door het aantal lenzen in een oculair, tussen 3 en 5, kan de optische kwaliteit van de kijker zoals, kleurcorrectie, beeldvertekening en beeldscherpte verbeterd worden. Sommige kijkers hebben een zogenaamd MPS systeem, dit betekend dat de oculairen verwisseld kunnen worden. Hiermee kan men met de kijker verschillende vergrotingen verkrijgen.

Achromaat
Een achromaat zijn twee aan elkaar verlijmde lenzen die kleur en beeldverstrooiingen van een enkele lens opheffen. De objectieflens van een kijker is bijna altijd een achromaat.

Air Achromaat
Bij normale kijker achromaten zijn de lenzen met elkaar verlijmd. Bij air-achromaten zit tussen de lenzen een dun laagje lucht. Dit komt de optische prestaties ten goede en de kijkerlengte wordt korter.

Gezichtsveld
Onder het gezichtsveld van een kijker verstaan we het te overziene landschap op een afstand van duizend meter. Het gezichtsveld staat meestal aangegeven in meters. Bij vermelding van het gezichtveld in een beeldhoek wordt dit in graden uitgedrukt. Bijvoorbeeld 1° = 17,5 meter. Dus als er staat 6° is dat 6 x 17,5= 105 meter. Een groter gezichtveld geeft een rustiger beeld en bewegende objecten kunnen makkelijker gevolgd worden.

Schemergetal
Het schemergetal is de maatstaf voor de kijkerscherpte en de detailonderscheiding bij verrekijkers. De formule hiervoor is: de wortel van het diameterobjectief x de vergroting. De uitkomst is zuiver rekenkundig en alleen van toepassing als we kijkers uit één en dezelfde serie met elkaar vergelijken. Het berekende getal houdt geen rekening met prestatieverbeteringen zoals bijvoorbeeld coatingen. (zie lichtsterkte)